http://www.franshalsmuseum.nl/pxlcms_v5_client/uploads/titelsweb_skreber.gif
De Hallen Haarlem presenteert de eerste Nederlandse solotentoonstelling van de Duitse kunstenaar Dirk Skreber (Lübeck, 1961). Skreber brak internationaal door in de jaren ’90 met figuratieve schilderijen van een door rampspoed getroffen wereld: overstroomde gebieden, wegzakkende huizen, en op hol geslagen treinlocomotieven.
Dirk Skreber heeft zich altijd kritisch opgesteld ten opzichte van de schilderkunst. Naast het schilderen heeft hij op verschillende manieren de relatie tussen het schilderij en de tastbare werkelijkheid onderzocht. Zo bouwde hij, op basis van motieven in zijn schilderijen, sculpturen of installaties in de tentoonstellingsruimte die de bewegingsvrijheid van de kijker inperkten of diens idee van schaal verstoorden. Ook heeft hij interesse in de sculpturale kwaliteiten van het tweedimensionale schilderij. Veel van zijn werken komen los van het platte vlak, door scherpe contrasten tussen dik en dun aangebrachte verf, of zoals in zijn beroemde 'Superhero' serie, door een dikke synthetische schuimlaag op het schildersdoek te zetten en vervolgens delen ervan weg te snijden.
Skreber heeft steevast de relatie tussen schilderkunst en de opgepoetste beeldtaal van de reclamewereld verkend. Terwijl zijn onderwerpen duidelijk verwijzen naar de realiteit en zijn ontleend aan nieuwsbronnen op het internet, speelt hij met de hedendaagse voorkeur voor oppervlakkige, glossy beelden in de reclamefotografie. Met deze elementen ontwikkelt hij een verleidelijke, maar ook angstaanjagende en verwarrende beeldtaal.
De tentoonstelling van Dirk Skreber in de Vleeshal bestaat uit tien werken uit de afgelopen jaren waarin autocrashes en rondvliegende autowielen centraal staan. De kunstenaar is gefascineerd door de ambiguiteit van dergelijke geweldserupties: ze zijn afschrikwekkend, maar bezitten tegelijkertijd een pervers soort aantrekkingskracht. Skrebers schilderijen zijn hyperdynamisch en vol expliciet geweld, maar ook van een adembenemende schoonheid. J.G. Ballard’s beroemde roman 'Crash' (verfilmd door David Cronenberg), die de monumentale gewelddadigheid van auto-ongelukken aan fysieke opwinding koppelt, wordt in deze voorstellingen nadrukkelijk in herinnering gebracht.
Opening: zaterdag 6 december om 16.00 uur.
Gelijktijdig met de tentoonstelling in De Hallen is een verwante solopresentatie van Skreber te zien in Museum Dhondt-Dhaenens in Deurle, België. Klik hier voor meer informatie.
http://www.franshalsmuseum.nl/pxlcms_v5_client/uploads/titelsweb_colburn.gif
De Hallen Haarlem presenteert van 6 december 2008 tot en met 1 maart 2009 een solotentoonstelling van de Amerikaanse kunstenaar/filmmaker Martha Colburn (1971, Pennsylvania). Colburn begon halverwege de jaren ’90 met het manipuleren van oude 8mm-films, en heeft inmiddels een volstrekt uniek oeuvre opgebouwd van animatiefilms die zij met traditionele, handmatige animatietechnieken heeft geproduceerd. Dit levert echter geen traditioneel werk op: Colburns films zijn licht ontvlambare, hallucinerende trips waarin geweld, seksualiteit, religie en politiek op een onnavolgbare manier worden gecombineerd tot zinderende, caleidoscopische visuele ervaringen.
In de tentoonstelling staat de recente Colburn-aankoop van het museum centraal: 'Myth Labs' uit 2008. Deze 7 minuten durende 16mm-animatiefilm combineert handgemaakte figuren, historische illustraties en tijdschriftknipsels tot een hedendaagse parabel over de gekte van onze Westerse samenleving in het algemeen en die van de VS in het bijzonder. Colburns verhaal over wapens, synthetische drugs, Jezus en religieuze fundamentalisten levert donkerhumoristische kritiek op de bekrompenheid en xenofobie die de keerzijde vormen van de American Dream.
De Hallen toont behalve 'Myth Labs' nog twee andere recente films van Colburn, 'Meet Me In Wichita' en 'Triumph of the Wild', alsmede een tweedimensionale installatie waarin het productiemateriaal voor de films wordt gepresenteerd, de zogenaamde animatiesheets. Deze maken haar unieke werkwijze inzichtelijk.
Colburns films waren eerder te zien in gerenommeerde musea als het Centre Pompidou, Tate Britain, Whitney Museum of American Art en PS1 in New York, en op tal van filmfestivals, waaronder het Nederlands Film Festival, International Film Festival Rotterdam en het New York Underground Film Festival. De kunstenaar volgde onder meer het residencyprogramma van de Rijksakademie (2001-2002) en ze woont en werkt tegenwoordig in Brooklyn, New York.
Opening: zaterdag 6 december om 16.00 uur.
Na de opening op 6 december zal er om 22:00 uur een 16mm screening plaatsvinden van een aantal films van Colburn, begeleid door live geimproviseerde muziek van o.a. Felipe Waller. Locatie: Patronaat Café, Zijlsingel 2, Haarlem. Toegang gratis. Zie hier voor meer informatie.
http://www.franshalsmuseum.nl/pxlcms_v5_client/uploads/titel.jpg
De Hallen Haarlem presenteert met trots de tweede solotentoonstelling van de invloedrijke Duitse fotograaf Juergen Teller (1964, Erlangen). De in Londen woonachtige fotograaf staat bekend om zijn onconventionele en uitdagende foto’s. Zijn werk wordt regelmatig gepubliceerd in internationale tijdschriften als i-D, Purple en W Magazine, en hij maakt campagnes voor modehuizen en ontwerpers als Marc Jacobs, Yves Saint Laurent en Vivienne Westwood. Daarnaast heeft hij vele monografieën geproduceerd en publiceert hij bij Steidl dit jaar vier nieuwe boeken.
Tellers werk in boeken, tijdschriften of tentoonstellingen wordt gekenmerkt door zijn weigering onderscheid te maken tussen de commerciële modefotografie en zijn autobiografisch getinte vrije werk.
In 2003 vond in De Hallen de tentoonstelling 'Märchenstüberl' plaats, een grote reeks privé-foto’s die ingaat op de wortels en overleveringen van hem en zijn familie. Voor zijn tweede tentoonstelling in De Hallen, getiteld 'Teller' keert hij terug naar de locatie van 'Märchenstüberl' en presenteert hij nieuw werk: een fotoserie van het Braziliaanse model Raquel Zimmerman in zijn ouderlijk huis in Duitsland. Hij fotografeerde haar in onnatuurlijke poses, veelal omringd door zijn moeder en zijn oom. Haar schoonheid contrasteert scherp met het kitscherige interieur. Het geheel wekt een gevoel van onderdrukking en claustrofobie op, maar straalt tegelijkertijd een magische en etherische sfeer uit. Terwijl hij zijn beelden benadert als een verhalenverteller, presenteert Teller een serie ongebruikelijke situaties en hedendaagse versies van het ‘vanitas’ thema.
Schoonheid en verval domineren andere onderdelen van deze tentoonstelling, waaronder foto’s van dode honden in India en van het jonge model Lily Cole in het dorre landschap van het Griekse eiland Hydra. Het contrast tussen extreme onttakeling en het besef van schoonheid komt soms via Tellers lens onrustbarend dichtbij.
Opening: zaterdag 6 december om 16.00 uur.
http://www.franshalsmuseum.nl/pxlcms_v5_client/uploads/titelsweb_zz_keulen.gif
De in Haarlem gevestigde uitgeverij De Zingende Zaag bestaat in 2009 twintig jaar. Drijvende kracht is George Moormann (1958), kunstenaar, publicist en sinds 2004 Haarlems eerste stadsdichter. De Zingende Zaag is ook de naam van een onregelmatig verschijnend en bijzonder tijdschrift.
Alle zesendertig tot nu toe verschenen edities zijn te zien in een kleine tentoonstelling in De Hallen. Meer nog dan een tijdschrift is elke ‘Zaag’ een kunstwerk op zich. Er is geen vast stramien, maar per keer een thema of associatieve invalshoek die de richtlijn is voor zowel de dichters als de vormgevers. De Zaag kent hierdoor vele vermommingen, bijvoorbeeld als onzichtbaar boek met op de voorkant een zakje grafietpoeder om de gedichten en tekeningen zelf zichtbaar te maken ('Tabula Rasa'), als een nieuwe Kuifje ('Verknipt en Verstript'), als missaaltje ('Godbetert!') of in de vorm van een gezelschapsspel ('ZigZag'), waarmee de lezer zelf zijn eigen gedichten schrijft.
Aan De Zingende Zaag werkten de afgelopen jaren niet alleen grote Nederlandstalige dichters mee, van Leo Vroman en F.L. Bastet tot Jan Baeke en Maria Barnas, maar ook ontwerpers en beeldend kunstenaars als Thonik (buro voor visuele communicatie), Moritz Ebinger, Titus Nolte, Jennifer C. Protas, Joost Swarte en Luuk Wilmering.
De uitgaven zijn regelmatig bekroond of genomineerd: ‘Het Best Verzorgde Boek’ van het CPNB, de Rotterdamse Designprijs, ‘Mooi Marginaal’ en het Stedelijk Museum CS. NRC Handelsblad schreef: “De Zingende Zaag heeft museale kwaliteiten. Zij zégt niet alleen dat zij poëzie en kunst in elkaar op wil laten gaan, deze uitgeverij brengt dit beter dan wie dan ook, in praktijk.”
In het Paviljoen van De Hallen heeft fotografe Wytske van Keulen (1982, Bergen op Zoom) naar aanleiding van haar publicatie 'We would come to doubt everything. And almost everyone would come to doubt' een installatie samengesteld.
'We would come to doubt everything…' is een documentair fotoproject over Juan (Jan), een Brabantse tandarts die dertig jaar geleden huis en haard verliet voor een nieuw bestaan in het afgelegen bergdorpje San Sebastian de Garabandal in Spanje. Juan De la Torre leeft als een kluizenaar en wijdt zich aan ‘levensstudie’ aan de hand van boeken over religie, alternatieve filosofieën, geschiedvervalsing en complottheorieën.
Van Keulen bezocht Juan en maakte foto’s van zowel het ruige, romantische berglandschap rondom Garabandal, als van Juans dagelijkse leven. Het resultaat wordt gekenmerkt door een zekere claustrofobie: het dorpje ligt ingeklemd tussen de bergen, afgesloten van de buitenwereld, en de interieurfoto’s laten sobere ruimtes zien waar Juan zich afzondert. Door bovenop haar onderwerp te zitten maakt Van Keulen de mentale beknelling in haar foto’s voelbaar.
Tegelijkertijd tornt de fotografe aan de ‘objectieve’ blik van de documentaire fotografie: enerzijds doordat ze buitenstaander Nickel van Duijvenboden een fictief begeleidend verhaal heeft laten schrijven, anderzijds door geen hiërarchie aan te brengen tussen de beelden die ze zelf heeft gefotografeerd en bestaand archiefmateriaal (waaronder foto’s uit Juan’s privé-albums). Zo creëert de fotografe een associatief portret van een mysterieuze figuur, die in de verbeelding van de kijker tot leven wordt gebracht.
Voor de installatie in het Paviljoen is een serie foto’s uit haar boek geselecteerd die duidelijk een relatie aangaat met deze karakteristieke presentatieruimte. De grote vitrinekasten die er staan worden als het ware ‘geactiveerd’ door ze te vullen met uitvergrote foto’s van boeken - beelden van de privé-bibliotheek van Juan de la Torre in zijn huis in San Sebastian de Garabandal.
Het fotoboek 'We would come to doubt everything. And almost everyone would come to doubt' wordt gepresenteerd bij de tentoonstelling. Het boek telt 328 pagina’s, met een kort verhaal van de kunstenaar en schrijver Nickel van Duijvenboden. Tijdens de tentoonstelling verkrijgbaar voor 25 EUR.
Opening: zaterdag 6 december om 16.00 uur.
De Hallen Haarlem is gesloten in verband met het inrichten van de nieuwe tentoonstellingen.